Laura van Meijeren - Vriendin (column)

Deel 1

Sinds een paar weken ben ik opzoek naar een vriendin voor mijn hond. Steeds vaker heb ik gevoel dat mijn hondje eenzaam is. Het is alsof hij treuriger kijkt, vaker zucht. Minder zin heeft in onze wandelingen. Of misschien ben ik zelf wel eenzaam en projecteer ik het op hem. Ik weet niet zo goed welke van deze twee opties meer waar is.

Enfin, een vriendin voor mijn hond. Hoe pak je zoiets aan? Een vriendin van me vertelde me tijdens een zonnige dag op het terras over koppelvakanties voor konijnen. Ik dacht eerst dat ze me in de maling nam, maar ze bleef bloedserieus. ,,Google maar!’’ Uiteraard won mijn nieuwsgierigheid het van me en typte ik ‘koppelvakanties voor konijnen in’. Terwijl ik van mijn wijntje nipte, doemde tot mijn verbazing het ene na het andere zoekresultaat op. Ik klikte op één van de sites.

Koppelvakanties voor konijnen: Voor baasjes die het zelf niet zien zitten om hun konijn te koppelen’, lazen we op één van de eerste websites die we aanklikten.

,,Ik zei het toch?’’, knikte mijn vriendin tevreden. ,,Als ik vrijgezel was geweest had ik ook wel op zo’n vakantie gewild.’’ Ik moest vreselijk lachen, maar van binnen stak er iets. Mijn vriendin heeft sinds kort een nieuwe vriend. De liefde maakt haar mooier, gelukkiger. Als ik die glans in haar ogen zie, raakt mijn gevoel verdwaald tussen blij zijn voor haar en jaloers zijn in. Ook ik verlang naar liefde. Vooral naar die eerste periode, waarin je lijkt te zweven, alles precies lijkt te zijn zoals het moet zijn. Ik denk dat ik uiteindelijk geloof dat het leven bedoeld is om te delen. Wellicht is dit voor konijnen en honden niet anders en bestaan er daarom dingen zoals koppelvakanties.

Voor mijn hond in ieder géén koppelvakantie. Het woord alleen al roept een bepaalde weerstand in me op. Bovendien wil de controlfreak in mij ook wat te zeggen hebben over een dergelijke partner. Misschien is dit hoe ouders zich voelen wanneer hun zoon of dochter voor het eerst met een vriendje of vriendinnetje thuis komt. Ik dacht een tijdje na. Wat verwacht ik van een partner voor mijn hond, mijn prins, mijn liefste maatje? Mijn denkwerk resulteerde in de volgende ‘harde eisen’:

· Moet met katten samen kunnen.

· Heeft alle noodzakelijke inentingen gehad.

· Het liefst een herplaatser, afkomstig uit een asiel of een gecertificeerde stichting.

· Iets kleiner of even groot als Zeus (ja, mijn hond heet Zeus).

· Teefje, geen reu.

Toen ik klaar was knikte ik tevreden. Dit was het wel zo’n beetje. Met een beetje fantasie had het mijn eigen lijstje kunnen zijn. Vol goede moed ging ik op zoek. Via Marktplaats belandde ik van het ene profiel op het andere. Urenlang bekeek ik foto’s van potentiële kandidaten. De ene hond leek nog een beter en actiever leven te hebben dan de ander. Bij vlagen voelde ik me schuldig. Bood ik mijn eigen hond wel genoeg in het leven?