Laura Mijnders | Supermarktpatronen

Ik heb een mysterie ontrafelt. Na vijf jaar bijna dagelijks dezelfde supermarkt te bezoeken, heb ik het dan eindelijk door. Let u maar eens op het verdomhoekje in uw eigen supermarkt. In de Coop te Zuidbroek ziet een gemiddelde dag in het verdomhoekje er ongeveer zo uit…

De Coop gaat om een uur of 8 ’s morgens open, wat ik overigens vind getuigen van een uitzonderlijk goede service. Welke winkel gaat er immers om 8 uur ’s ochtends al open in een dorp als Zuidbroek? Enfin, het werkt: sporadisch staan er om 8 uur al een aantal klanten te wachten voor de schuifdeuren. Het gaat dan vaak om moeders die iets vergeten zijn, mensen die uit de nachtdienst komen of ouderen die de drukte voor willen zijn.

Om een uur of 10 wordt er een schaal met koekjes in het verdomhoekje neergezet. Meestal betreft het Bastognekoeken, waar de verdomhoeksgebruikers dol op zijn. De eerste verdomhoeksgebruiker arriveert rond iets over tienen. Hij is een jaar of 70 en draagt altijd een blauw petje. Hij ziet eruit alsof hij net is wezen vissen of dit nog gaat doen. Hij drinkt zijn koffie zwart. Vaak wordt hij vanaf half 11 vergezeld door twee mannen die min of meer in dezelfde leeftijdscategorie vallen. De ene is brildragend en heeft een klein, gedrongen postuur. De andere man draagt elke dag dezelfde bruine flanellen broek. Nu ja, dezelfde? Ik vermoed dat hij 20 dezelfde broeken in de kast heeft omdat ze nu eenmaal zo lekker zitten. Hij trekt weliswaar elke dag een schone broek aan, maar is gewend aan het comfort, de ruimte, de stof. De man met de bruine flanellen broek is overigens slim: hij parkeert zijn boodschappenkar steevast aan de lege zijde van de tafel, zodat er niemand anders kan plaatsnemen. Er zal niemand in het verdomhoekje plaatsnemen zonder expliciete uitnodiging.

Om half 12 druipt het eerste groepje af. Ze laten meestal een spoor van koekkruimels achter, maar ruimen hun papieren bekers altijd netjes op. Ik stel mij altijd voor dat dit de enige plek is waar ze nog veilig zijn voor de oren van hun vrouwen, die inmiddels ook met pensioen en dus altijd thuis zijn. Soms lachen de mannen, maar meer nog hebben ze het over wie er nu weer dood is.

Om een uur of 12 druppelt het volgende groepje binnen. Meestal bestaat, of eigenlijk, bestond dit groepje uit één van mijn buurmannen verderop uit de straat, de oude communist en de wijnhandelaar. Echter verkeert de buurman steeds vaker in het gezelschap van groepje 1. Ik vermoed dat hij op het punt staat om over te lopen naar dit groepje. Verdere observatie moet dit nog uitwijzen. Vlak voor hun komst worden er overigens weer nieuwe koekjes klaargezet, soms zijn er plakken caké.

Opvallend is dat zich in het verdomhoekje 93% van de tijd mannen bevinden die in groepjes van 3 arriveren. Wat hebben zij toch te verbergen?