Sprookjes- en fantasiefiguren met een flinke vleug magie

VEENDAM

Zaterdag liepen er in het centrum van Veendam tijdens de Sprookjesdag & Goocheldag weer allerlei sprookjesfiguren rond. Stichting Bogdike organiseerde in samenwerking met Summerfun, de Bibliotheek en Hoi Pippeloi het jaarlijks betoverende festijn. Sprookjes- en fantasiefiguren hebben hun beste beentje voorgezet, en dit alles overgoten met een flinke vleug magie.

De goochelaars Paul, Hilbert Geerlings en Jan Kosters deden het publiek versteld staan. Van de straattheateracts Het Kermispaardje, het VergeetZenietje en door de In Bloei Steltlopers was het genieten tijdens doorlopende voorstellingen. Voor de kinderen stond het Damster Poppentheater op het Veenlustplein. Hoi Pippeloi zette de sprookjesboom op. Ook doken de karakters uit de tekenfilm Frozen weer op, en waren de drie stoere Bogdike piraten weer present. Jos Tipker Entertainment had voor acrobatiek gezorgd.

Op het authentieke kermispaardje reed een beeldschone dame rond, welbekende oud-Hollandse liedjes zingend van onder andere Willeke Alberti & Wim Sonneveld. De slogan, ‘een plaatje om naar te kijken en een nachtegaal om naar te luisteren’ klopt helemaal. Het publiek genoot ervan en er was leuke interactie met dansjes. Een klein prinsesje was er helemaal van onder de indruk.

De kinderen waren ook prachtig verkleed. Van bekende sprookjesfiguren, tot stoere ridders en woeste piraten, ze kwamen allemaal voorbij.

Wim-Jan Rondhuis van het Damster Poppentheater bracht met Jan Klaassen en Katrijn het klassieke poppenkastspel. Rondhuis is aan de Jan Klaassen Academie in Amsterdam opgeleid en gecertificeerd als poppenspeler. „We maken traditionele verhalen zoals ze al meer dan 130 jaar op de Dam in Amsterdam worden gespeeld”, vertelt Wim-Jan. „Natuurlijk is het wel aangepast aan de huidige tijd met de nieuwe moderne dingen. En de verhalen pas ik een beetje aan aan de omgeving waar ik ben. Je moet er dingen hebben die ze herkennen, dan pak je ze ook in het verhaal”.

Dat het nog steeds werkt bleek wel op het Veenlustplein.

Door Henk Drenth.