Column Laura Mijnders | Luxeprobleem

Veendam

De zenuwen gieren door mijn lijf. Tot overmaat van ramp heb ik ook nog een dikke pukkel op mijn voorhoofd. Gehaast loop ik langs de Aldi, de Oude Boteringestraat in. Ik wil er eerder zijn dan de rest. Het is makkelijker om naar anderen te kijken wanneer ze ergens binnenlopen, dan voelen dat je zelf bekeken wordt.

Voor de deur van de faculteit staan twee ouders te roken. Hun dochter staat er wat halfslachtig bij, alsof ze zich schaamt voor de situatie. Als ik haar was geweest had ik ook een sigaret opgestoken.

Binnen bevindt zich de ruimte waar de voorlichting plaats zal gaan vinden. Ik zie geen koffie, wel folders. Misschien maar beter ook. Langzaam druppelen er groepjes mensen binnen. Ouders met hun kroost. Ik hoop maar dat niemand de pukkel op mijn voorhoofd ziet.

De docent begint te vertellen. Ze geeft een minicollege over sampling. Ik merk dat ik afdwaal, ondanks de prachtige jazzmuziek die als voorbeeld wordt gebruikt. Na de voorlichting schuifel ik richting de docente en vraag haar iets over de toelatingseisen. Ik slik het broodje eiersalade, wat naar boven komt, snel weer weg. Ik zou mij niet zo druk moeten maken, maar zoveel geld moeten lenen, is niet niets. Wat als ik de verkeerde keuze maak?

Bij een informatiestand vraag ik een beetje stuntelig om een tas met pen en folder, alhoewel ik het eigenlijk niet nodig heb. Ik ben immers een Nederlander en heb een zwak voor gratis pennen. Bij de informatiemarkt ontdek ik een stand met koffie en uitgedroogde plakken caké. Dankbaar zet ik mijn tanden erin en spoel de droge substantie weg. Vanaf hier heb ik uitstekend zicht op de informatiestand waar ik eigenlijk heen wil. Behendig gris ik hier en daar folders weg en doe alsof ik er heel toevallig ben aanbeland. ,,Hallo!’’, zegt een jongen op een kruk. ,,Heb je een vraag?’’ ,,Ja, eigenlijk wel… Ik heb een beetje een alternatieve schoolroute afgelegd en vroeg mij af of ik wel toegelaten kan worden…..Als ik tenminste, ik bedoel, deze studie wil gaan doen.’’ ,,Dan moet je bij Mike zijn. Je kunt ook de voorlichting bijwonen.’’

Ik nestel mij in het midden van de grote collegezaal. Dan pas zie ik het. Voor mij zit mijn allereerste werkgever met haar dochter. Ik begroet ze met het schaamrood op mijn kaken. Ik heb nog op haar dochter gepast, haar billen gewassen en nu overwegen we om dezelfde studie te gaan doen. Mijn twijfel zet zich ineens om in jaren, in een lichaam. Maar terwijl ik kijk hoe dochter en moeder discussiëren, valt het kwartje ineens. Ik leef verdorie in een land waar ik de mogelijkheid heb om over dit soort dingen te twijfelen. Ik moet kappen met dat gezeur.

Langzaam bedaart mijn maag wat. In mijn hoofd ontstaat ruimte. De knoop ligt recht voor mijn snufferd. Nu nog de juiste bijl vinden om hem door te hakken.