Commotie oud-burgemeester Veendam opgenomen in ‘De struikeldrempel’

VEENDAM

De commotie rond het oorlogsverleden van oud-burgemeester Hoogkamp in Veendam is een van 36 onderwerpen die in het boek ‘De struikeldrempel, niet vergeten’ van de Groninger publicist Johan van Gelder is opgenomen.

De titel verwijst naar de eerste struikeldrempel van Nederland, die door de Duitse kunstenaar Gunther Demnig is gelegd in de Folkingestraat in Groningen voor alle Joden die tijdens de Tweede Wereldoorlog zijn vermoord.

In het boek wordt onder meer Robbie Oosting uit Veendam aan het woord gelaten die al geruime tijd met de gemeente Veendam overhoop ligt over de naamgeving van de plaatselijke sporthal aan de Voormolenstraat. Oosting vindt dat de naam ‘De Hoogkamp’ uit de samenleving moet verdwijnen, omdat de burgemeester tijdens zijn ambtstijd betrokken zou zijn geweest bij de deportatie van de Joden.

Onderzoek van professor Doeko Bosscher van de Rijksuniversiteit Groningen leerde, dat de deportatie van de Joden in Veendam-Wildervank niet is meegenomen in de beoordeling van de burgemeester kort na het einde van de Tweede Wereldoorlog. Verder stelt hij dat de sporthal niet herinnert aan de burgemeester zelf maar aan de oude ULO-school die daar voor die tijd heeft gestaan. De gemeente Veendam die Bosscher de opdracht had gegeven besloot daarop alles bij het oude te laten en de naam van de sporthal te handhaven.

Robbie Oosting kan zich daar niet mee verenigen. Hij deed onderzoek in de Groninger Archieven en meent dat Bosscher steken heeft laten vallen en de geschiedenis had kunnen herschrijven door uit het belastende oorlogsdossier van de burgemeester te concluderen dat hij ontslagen had moeten worden, omdat hij was aangebleven en niet was opgestapt.

Hij beroept zich op het Zuiveringsbesluit uit 1945 dat stelt dat ‘gedragingen of uitlatingen die blijk hebben gegeven van een nationaalsocialistische geestesgesteldheid’ en ‘in ernstige mate tekort zijn geschoten in het betrachten van de juiste houding in verband met de bezetting’, en een telexbericht van het ministerie van Binnenlandse Zaken aan het Militair Gezag destijds Hoogkamp te ontslaan. De berisping die Hoogkamp uiteindelijk kreeg voor zijn optreden tijdens de oorlogsjaren is volgens Oosting veel te zwak uitgedrukt en doet geen recht aan zijn tijd als burgemeester toen de Joodse inwoners werden gedeporteerd en vermoord.


Auteur

Redacteur