Vier vragen aan ... Gert Hagénus van het Refaja ziekenhuis

Veendam

In opmaat naar oud en nieuw was in deze krant een interview te lezen met Gert Hagénus. De verpleegkundige van de Spoedeisende Eerste Hulp van het Refaja ziekenhuis in Stadskanaal hoopte op een rustige jaarwisseling met weinig ongelukken.

door Paul Abrahams

Hoe is de jaarwisseling uiteindelijk verlopen? Op 31 december en op 1 januari hebben we het - net als vorige jaarwisselingen - wat betreft het vuurwerkletsel rustig gehad. Eén persoon heeft zich op de Spoedeisende Eerste Hulp afdeling gemeld met vingerletsel als gevolg van carbid schieten. Verder hebben we een aantal patiënten gehad, die we normaal gemiddeld ook zien. Heeft de ijzel jullie verrast? Zijn er extra maatregelen genomen? De ijzel heeft ons niet verrast. Op het moment dat dit weer wordt aangekondigd, weten dat we veel fracturen kunnen verwachten. Vorige week dinsdag hebben zich 50 personen gemeld, natuurlijk niet allemaal met botbreuken. Normaal zien we gemiddeld 25 personen per dag. Er is extra personeel ingezet om de patiënten binnen acceptabele tijd te behandelen. Het personeel van de gipskamer heeft eveneens goed meegeholpen, terwijl ze daarnaast hun eigen programma moesten draaien. Er is zelfs een chirurg een flinke periode op de afdeling geweest en dat gebeurt normaal gesproken niet vaak. Op de operatiekamer was een extra tafel geplaatst om alle botbreuken te behandelen. Hoeveel slachtoffers als gevolg van de gladheid hebben jullie behandeld? We hebben in drie dagen ongeveer 50 personen gezien met botbreuken, ontwrichtingen en kneuzingen. Een aantal is geopereerd en een aantal is opgenomen ter observatie. Mensen die ter observatie worden opgenomen, zijn vaak mensen die op hun hoofd zijn gevallen en die medicijnen gebruiken waar het bloed dunner van wordt. De leeftijden variëren tussen vijf jaar en 90 jaar. De meeste patiënten hadden hun pols gebroken. Op zich is dat logisch. Want als je valt, dan probeer je je met je armen op te vangen. Maar we hebben ook patiënten behandeld die de bovenarm, de enkel en de heup hadden gebroken. Jullie hebben een druk jaar achter de rug? Klopt inderdaad. We hebben op de Spoedeisende Eerste Hulp een recordaantal patiënten gezien: namelijk meer dan 9000. Ik heb daar niet één, twee, drie een verklaring voor. Wat ik wel weet is dat we de patiënten vakkundig en met respect behandelen. We hebben een team dat goed op elkaar is ingespeeld, weinig verloop. En krijgen we een keer kritiek: dan gaan we niet mokken, maar zoeken we naar verbeteringen. Uit de cijfers blijkt dat de Spoedeisende Eerste Hulp van het Refaja een hele belangrijke voorziening is in de Kanaalstreek. Een voorziening die zeker niet mag verdwijnen. Maar dat gaat natuurlijk ook niet gebeuren ...  

Auteur

Paul Abrahams